Het Europees Openbaar Ministerie: België neemt laatste horde

Media

9 maart 2021

In het voorjaar van 2017 stelden zestien lidstaten de Europese instellingen in kennis van hun voornemen om middels nauwere samenwerking, onder de vorm van een Europees Openbaar Ministerie, fraude ten nadele van de EU-begroting te bestrijden. Amper twee maanden later, op 8 juni 2017, bereikten de (inmiddels) twintig EU-lidstaten die deelnemen aan deze nauwere samenwerking een politiek akkoord over de wetgeving die de details stipuleert aangaande de werking en rol van het Europees Openbaar Ministerie. Uiteindelijk trad de Verordening tot instelling van het Europees Openbaar Ministerie in werking op 20 november 2017.

De rol van het EOM valt het best te omschrijven als een onafhankelijke Europese instantie die losstaat van de traditionele EU-rechtsinstrumenten voor samenwerking tussen de gerechtelijke autoriteiten van de verschillende lidstaten. Het EOM is immers operationeel in elke deelnemende lidstaat. De grote troef van deze nieuwe instantie zou de snelheid zijn waarmee het over nationale grenzen heen zou kunnen werken, zonder voorafgaande ellenlange procedures aangaande justitiële samenwerking. Het EOM fungeert met name als één instantie in alle lidstaten.

De materiële bevoegdheid omvat in essentie het bestrijden van fraude en hieraan gerelateerde misdrijven die een impact kennen op de financiële belangen van de EU. Het EOM is evenwel in geen geval bevoegd voor strafbare feiten aangaande nationale directe belastingen, inclusief de daarmee onlosmakelijk verbonden strafbare feiten.

De structuur van het EOM is tweeledig en kan worden opgedeeld in een strategisch niveau bestaande uit een Europese hoofdaanklager en de Europese aanklagers die samen het college van openbare aanklagers vormen, en een operationeel niveau met de gedelegeerde Europese aanklagers en vaste kamers.

Ter verdere uitvoering van de Verordening benoemde de Raad op 27 juli 2020 22 Europese aanklagers.

Intussen werden ook in België de nodige wetgevende initiatieven genomen teneinde het EOM operationeel te maken.

Op 24 februari 2021 is de wet van 17 februari 2021 houdende diverse bepalingen inzake justitie gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad die hierbij tevens in werking is getreden. Voormelde wet regelt de verdere concretisering van het EOM.

De Europese aanklager en de gedelegeerde Europese aanklagers zijn over het hele Belgische grondgebied bevoegd voor de uitoefening van de strafvordering voor de misdrijven die de financiële belangen van de Europese Unie schaden.

Wanneer een misdrijf dat de financiële belangen van de Unie schaadt, aanhangig wordt gemaakt bij de procureur des Konings, de procureur-generaal of de federale procureur, brengt deze de gedelegeerde Europese aanklagers onmiddellijk op de hoogte.

De wet bepaalt dat de Europese aanklagers over dezelfde bevoegdheid beschikken bij uitoefening van hun opdracht als de Belgische procureur des Konings.

Verder stelt de wet in artikel 9 dat de Europese aanklager en de gedelegeerde Europese aanklagers een Belgische onderzoeksrechter moeten vatten om bepaalde onderzoeksdaden te vorderen. In elk van de rechtsgebieden van de hoven van beroep wordt er één onderzoeksrechter aangeduid die over de nodige ervaring beschikt voor het onderzoek naar de misdrijven waarvoor het EOM bevoegd is.

Met de wet van 17 februari 2021 is de laatste horde genomen richting de concrete implementatie van een EOM in de Belgische rechtsorde.

Of het EOM ook in werkelijkheid zaken zal afhandelen, blijft echter de vraag. Zeker nu artikel 3 van de Wet van 24 februari 2021 de mogelijkheid voorziet om de beslissing van de Europese aanklagers om de zaak naar zich toe te trekken, te betwisten bij het College van Procureurs-generaal.

 

Foto © AP Images/European Union-EP

Laatste publicaties

Het Nieuwsblad, 19 september 2023

Peperduur onderzoek, maar man verdacht van diefstal bitcoins ter waarde van 195.000 euro vrijgesproken

Na een jarenlang onderzoek werd een Libanese Bitcoin-trader vrijgesproken door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Veurne. Het federaal parket vorderde nochtans een effectieve gevangenisstraf van 4,5 jaar. Van Cauter Advocaten kon de rechtbank ervan overtuigen dat er geen direct bewijs bestond tegen de man en dat het onderzoek in te grote mate gebaseerd was op de resultaten van een eenzijdig gevoerd privé-onderzoek door de ‘Energi Bureau of Investigation’ (EBI) (https://fullycrypto.com/crypto-scammer-simon-tadros-accused-of-stealing-millions).

De Bitcoin-trader, die sinds zijn overlevering aan België in augustus 2021 verplicht in België verblijft, kan op die manier eindelijk terugkeren naar zijn familie en naasten in Libanon.

Ook voor cybercrime gerelateerde misdrijven kan u bij Van Cauter Advocaten terecht.

 

Link: https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20230919_93897371

Lees meer
De Morgen, 5 juni 2023

Welke verwijten na het Reuzegom-arrest zijn terecht, en welke niet?

De verontwaardiging over de lage straffen van de Reuzegommers is groot. De Morgen houdt zeven stellingen tegen het licht die opduiken in het protest.

1. ‘De traditionele media verzwijgen de namen van de Reuzegommers. Ze zitten mee in het bad.’

De bekende YouTuber Acid gooide de namen van vijf Reuzegommers online, en er gaan steeds meer stemmen op om zijn voorbeeld te volgen. Op de redactie van De Morgen is lang gepraat over het al dan niet noemen van de namen van de veroordeelde Reuzegommers. Aangezien er werkstraffen zijn opgelegd en ze vrijuit gaan voor de zwaarste aantijgingen, hebben we ervoor gekozen om de anonimiteit te bewaken en initialen en/of bijnamen te gebruiken.

 

Als iemand door het hof van assisen tot een jarenlange celstraf veroordeeld wordt of als het gaat om mensen met macht of aanzien, schrijven we hun naam in de krant wel voluit. Voor onbekende burgers die werkstraffen opgelegd krijgen, ligt dat anders, omdat de focus ligt op re-integratie. In praktijk wordt er ook minder over dat soort zaken bericht.

Over de keuze om de namen niet te noemen, mag discussie bestaan. Dat is op de redactie van De Morgen ook het geval. Maar het protest gaat intussen niet meer alleen over het noemen van namen. De verontwaardiging over de lage straffen van de Reuzegommers is een breder protest geworden tegen de ‘elite’ die de potjes gedekt wil houden. “Er worden door de maatschappij dieperliggende zaken in dit arrest geprojecteerd”, verduidelijkt advocaat Joris Van Cauter die ‘Remork’ bijstond.

2. ‘Hun ouders zijn rijk en de Reuzegommers hadden de beste advocaten. Dit is klassenjustitie.’

Sanda Dia stierf in een vernederend ritueel waarvan hij hoopte dat het hem binnen zou loodsen in het geprivilegieerd netwerk van Reuzegom. Er werd op hem geplast, hij kreeg geblende muizen en vissen te eten en moest liters sterke drank drinken. Na zijn dood bleek dat netwerk onaantastbaar. De gekleurde jongen is dood, de Reuzegommers krijgen een tweede kans. Voor veel betogers is dit arrest een duidelijk voorbeeld van klassenjustitie.

Hadden jongens met een migratieachtergrond of andere sociale status een zwaardere straf gekregen? Sociaal ondernemer Youssef Kobo gelooft van wel. Ook Sven Mary, advocaat van de vader en de broer van Sanda Dia, is ervan overtuigd dat jongens met migratieachtergrond anders behandeld zouden worden.

Die bewering is moeilijk te bewijzen. In Nederland deed de Universiteit Leiden in 2015 een omvangrijk onderzoek naar etnisch gerelateerde verschillen in straftoemeting. Dat liet zien dat daders van andere origine vaker en soms ook langere onvoorwaardelijke gevangenisstraffen krijgen dan autochtone daders. Maar een groot deel van de verschillen konden verklaard worden door de uitkomsten te corrigeren voor persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals de aanwezigheid van een strafblad, waardoor het allemaal minder zwart-wit werd.

Wat in het dossier Reuzegom vaak vergeten wordt als men uitspraken doet over racial bias, is dat er in de beklaagdenbank ook een jongen zat met andere roots. Z.B., alias Rafiki, is – net als Sanda Dia – de zoon van een witte moeder en een zwarte vader. Hij werd veroordeeld tot een werkstraf van 250 uur en een geldboete.

Niet alleen de Reuzegeommers werden bijgestaan door topadvocaten, ook langs de kant van de burgerlijke partijen stonden ervaren pleiters.

3. ‘Er is een jongen dood, en toch krijgen ze een lichte straf.’

De bestraffing is mild, zeker in vergelijking met de straf die het Openbaar Ministerie had gevraagd. Dat heeft te maken met het grote verschil dat in het strafrecht bestaat tussen opzettelijke en onopzettelijke doding. Volgens het Antwerpse hof van beroep waren de leden van Reuzegom onvoorzichtig bij de doop van Sanda Dia, maar hebben zij zijn dood niet opzettelijk veroorzaakt. Die redenering leidde naar werkstraffen, en niet de celstraffen die het Openbaar Ministerie had geëist.

Daar tegenover staat dat het hof van beroep wel zware werkstraffen uitsprak: van 200 uur tot het wettelijke maximum van 300 uur.

De veroordeling komt niet op hun strafblad. Zelfs al wordt zo’n uittreksel uit het strafregister in veel privébedrijven niet gevraagd, dan nog had het symbolisch een blijvende herinnering kunnen zijn aan wat er gebeurd is met Sanda Dia.

Waarom het hof een werkstraf verkiest boven een celstraf, staat niet letterlijk in het arrest, maar het is duidelijk dat de raadsheren maximaal hebben willen inzetten op een tweede kans voor de jonge beklaagden.

4. ‘Een boete van 400 euro is niets. Het is evenveel als de ex-Reuzegommers betaalden die in 2009 een varken mishandelden.’

Het is verleidelijk, maar ook moeilijk om rechtszaken met elkaar te vergelijken: het gaat immers altijd om individuele dossiers.

De focus ligt hier op een werkstraf. Onopzettelijke doodslag kan bestraft worden met een gevangenisstraf van minimum drie maanden en maximum twee jaar, en een geldboete tussen 50 en 1.000 euro. Het Antwerpse hof van beroep veroordeelde de Reuzegommers tot de minimumboete.

Dat bedrag moet nog maal 8 (opcentiemen) worden gedaan, wat de uiteindelijke boete op 400 euro (50 euro x 8) brengt. De veroordeelde Reuzegommers draaien daarnaast ook op voor de gerechtskosten en de schadevergoedingen voor de burgerlijke partijen. Voorlopig zijn die kosten begroot op 67.277,47 euro, oftewel 3.737,63 euro per veroordeelde. In totaal zullen de Reuzegommers dus meer dan 4.000 euro moeten betalen.

Dat is nog altijd weinig. Waarom het hof die lage boete uitspreekt, wordt niet verduidelijkt in het arrest. “Misschien was er minder commotie geweest als die boete niet was uitgesproken”, zegt Joris Van Cauter. “Dat was juridisch mogelijk geweest als er verzachtende omstandigheden zouden zijn aangenomen.”

De Reuzegommers die in 2009 een biggetje mishandelden, hebben 400 euro betaald. Toen was er geen beslissing van een rechter, maar werd er een minnelijke schikking bereikt tussen de studenten en het parket van Leuven. Hoe dat bedrag bepaald werd, is niet bekend. De som die betaald werd in de zaak Spekkie is een zogenaamde ‘afkoopsom’.

5. ‘De Reuzegommers hebben op de eerste doopdag in Leuven – op 4 december 2018 – gelogen tegen een docente geneeskunde die haar bezorgdheid uitte over Sanda Dia. Dat is schuldig verzuim.’

Hoewel de groep op dat moment nog naar Vorselaar moest vertrekken, verklaarde een van de Reuzegommers tegenover de docente dat de doop praktisch gedaan was. Hij verzekerde haar ook dat hij geneeskundestudent was, en dat hij behoorde tot de studentenclub Medica.

Op het proces is niet uitgeklaard welke Reuzegommer toen gesproken heeft. Het is laakbaar dat daarover gelogen wordt, maar het is ook niet zeker of dit element bij de beoordeling zo’n verschil had gemaakt.

Het staat vast dat Sanda Dia erg verzwakt was toen hij aankwam in Vorselaar, maar tijdens het onderzoek is dit moment in Leuven nooit in het vizier gekomen als het ging over schuldig verzuim. Om iemand te veroordelen voor schuldig verzuim, moet die wetens en willens beslissen om niet op te treden als er gevaar dreigt.

Op bewakingsbeelden is te zien hoe Sanda Dia in Leuven niet meer op zijn benen kan staan, maar hij is op dat moment niet in levensgevaar. De student uit Edegem stierf door een acuut hersenoedeem, veroorzaakt door te veel zout in zijn lichaam door de grote hoeveelheden vissaus. Daar was nog geen sprake van in Leuven.

Ook de feiten die plaatsvonden in Leuven zijn beoordeeld door het hof van beroep van Antwerpen. De vissaus komt pas in Vorselaar op de proppen. Het hof oordeelde daarover dat de Reuzegommers wel hulp hebben gezocht toen ze begrepen dat Sanda Dia in gevaar was.

6. ‘De Reuzegommers hebben zich duidelijk racistisch uitgelaten. Waarom werden ze dan niet veroordeeld voor racisme?’

Voor de feiten maakte een van de Reuzegommers een filmpje van hoe een zwarte dakloze werd bezongen: “Handjes kappen, de Congo is van ons.” Volgens getuigen werd het n-woord ook gebruikt tegen Sanda Dia. Zijn broer vertelde in een interview met De Morgen dat hij daardoor met een gevoel van racisme blijft zitten.

Al in het begin van het Reuzegom-dossier is er sprake van racisme. In 2020 pikte de gerenommeerde Amerikaanse krant The New York Times het verhaal op van de fatale studentendoop bij Reuzegom. De krant noemde zijn dood toen “een symbool van de groeiende onverdraagzaamheid” in ons land, maar uiteindelijk werden de Reuzegommers niet voor racisme vervolgd. De burgerlijke partijen hebben ook nooit klacht ingediend wegens racisme. In het arrest dat 118 pagina’s telt, komt de term ‘racisme’ niet voor. “Dat is logisch omdat er niet vervolgd werd wegens racisme”, zegt Anthony Godfroid, die voor dierenrechtenorganisatie Gaia optrad.

7. ‘Als de Reuzegommers niet willen zeggen wie er visolie heeft gegeven aan Sanda, zijn ze allemaal schuldig.’

De omerta binnen Reuzegom stoot veel mensen tegen de borst. Niet alleen is nooit uitgeklaard wie de professor in Leuven van antwoord diende. Ook de belangrijkste vraag – wie heeft de vissaus toegediend? – werd op het proces niet beantwoord.

Volgens het Antwerpse hof van beroep is geen van de achttien Reuzegommers schuldig aan het toedienen van schadelijke stoffen. Dat komt niet omdat ze daarover gezwegen hebben maar omdat ze volgens de rechters niet beseften hoe schadelijk die vissaus is.

De collectiviteit wordt wel aanvaard als het gaat over onopzettelijke doding. Op dat vlak dragen alle Reuzegommers evenveel verantwoordelijkheid. “Tijdens het doopritueel waren alle beklaagden aanwezig. Zij stonden rondom de schachten en moedigden hen aan goudvissen in te slikken en deze vervolgens, middels de toediening van visolie, weer uit te braken… Het drinken van de visolie betreft een actief groepsgebeuren, waarbij het drinken van de visolie door de groep werd opgedragen.” Het hof verwijt aan elkeen van de bij deze visproef aanwezige beklaagden een mededaderschap.

Ook op vlak van de mensonterende behandeling en dierenmishandeling werd de collectiviteit aanvaard.

Protest tegen uitspraak in proces-Sanda Dia houdt aan

Het ongenoegen over de straffen die uitgesproken zijn in het Reuzegom-proces blijft groot. Dit weekend vonden op verscheidene plaatsen protestacties plaats tegen de – volgens de aanwezigen – veel te lichte straffen die de achttien leden van studentenclub Reuzegom kregen na de studentendoop die Sanda Dia het leven kostte.

Het Antwerpse hof van beroep legde 18 leden van de studentenclub Reuzegom werkstraffen tot 300 uur en geldboetes tot 400 euro op voor de dood van Dia. Afgelopen zaterdag kwamen een honderdtal mensen samen aan het gerechtsgebouw van Hasselt. Ze hadden pamfletten bij met opschriften als “Dit is geen gerechtigheid, maar klassenjustitie”, “FOK Klassenjustitie”, “Justice for Sanda” en “Iedereen kan nu verder met zijn leven behalve Sanda”.

Zondag werd er geprotesteerd in Gent, Brugge en Brussel. De grootste opkomst was er in Gent, waar een duizendtal manifestanten samenkwamen onder de Stadshal. Vandaar ging het in groep richting het Gentse Justitiepaleis. In Brugge en Brussel kwamen telkens een paar honderd mensen op straat.

Opgemerkte aanwezige in Brussel was YouTuber Acid, die vorige week in een van zijn filmpjes de namen van een aantal Reuzegommers online gooide. Het filmpje werd door YouTube verwijderd. Het bedrijf besliste ook om het account van Acid een aantal dagen te blokkeren.

Voor juridische gevolgen moet Acid voorlopig niet vrezen: het parket van West-Vlaanderen liet dit weekend weten dat er geen gerechtelijk onderzoek volgt naar de bewuste video. Tenzij een van de Reuzegommers klacht zou indienen. De advocaten van de Reuzegommers lieten eerder al weten dat ze de video verwerpen, maar van een klacht is voorlopig geen sprake. Acid lijkt trouwens vast van plan om de gang van zaken in het proces-Sanda Dia te blijven aanklagen. Voor de camera’s van VTM Nieuws gaf hij te kennen dat hij vandaag met nieuwe informatie zal komen: “Ik heb toch een manier gevonden om iets naar buiten te brengen.”

Artikel uit De Morgen, 5 juni 2023

Beeld Wouter Van Vooren

Lees meer

Wij gebruiken cookies

Door deze website te gebruiken, aanvaardt u de cookies. Voor meer informatie, zie ons privacy- en cookiesbeleid